HET PROJECT DE PREMIÈRE

Op 26 dec 1637 zou de première van de voorstelling Gysbrecht van Aemstel, d’ondergang van syn stadt, en syn ballingschap plaatsvinden, en wel als openingsstuk van de eerste echte schouwburg van Amsterdam. Vondel heeft zijn uiterste best gedaan een legendarisch stuk te schrijven over de heer Gijsbreght van Aemstel, een tragische held die zijn stad Amsterdam wil redden van de ondergang. Maar de première gaat niet door. Een groep calvinistische predikanten vindt het stuk gevaarlijk: het is te katholiek. De predikanten doen hun beklag bij een van de burgemeesters en de première wordt uitgesteld. Uiteindelijk mag het stuk wel gespeeld worden, hetzij pas in het nieuwe jaar.

Hoe vertaal je de controverse die de Gijsbrecht toen opriep naar nu? In het kunstproject De Première onderzoeken leerlingen door het doen van artistiek onderzoek de tekst van Vondel. Ze werken toe naar verschillende interactieve performances die uiteindelijk een plek krijgen in de professionele voorstelling Gijsbrecht. Nadat de leerlingen een dag hard gewerkt hebben is het publiek welkom op De Première. Als hij doorgaat tenminste…

 

Uitgangspunt van De Première is Vondels toneelstuk Gysbrecht van Aemstel, d’ondergang van syn stadt, en syn ballingschap. Het project bestaat uit twee fasen. Aan het project kunnen 30 – 150 leerlingen deelnemen.

Kick-off en werken in de lessen Nederlands en ckv

Zes weken vooraf aan De Première start het project. Docenten van Hoosh komen op school en verzorgen de kick-off: leerlingen krijgen informatie over het project en kiezen met welk onderzoek ze aan de slag gaan (groepjes van 3 tot 5 leerlingen). Vervolgens werken ze gedurende zes weken in de lessen Nederlands en ckv aan het project; ze lezen de Gysbreght, leren over de achtergronden van de Gysbreght en ze werken aan het artistieke onderzoek. De onderwerpen van de onderzoeken variëren sterk: van het maken van een #MeToo film over de wandaden van Floris V tot het ontwerpen van een woordenwinkel rondom de taal van Vondel, van het organiseren van een protest vanwege de opvoering van de Gijsbrecht tot het leiden van een debat tussen over of Gijsbrecht nou wel of geen held is. De gemene deler van alle onderzoeken is dat de leerlingen de tijd en tekst onderzoeken en de uitkomst van het onderzoek vertalen naar een korte performance (of kunstwerk) voor publiek. Hun werk is zo van opzet dat het vervlochten kan worden met de professionele voorstelling Gijsbrecht.

Leerlingen kunnen zelf kiezen welk onderzoek ze doen en kunnen ook zelf een grote inbreng leveren, zowel in idee, inhoud, kunstdiscipline als vormgeving. In deze zes weken zetten de leerlingen hun werk in de ‘grondverf’.

De Première

Na zes weken komen de docenten en de acteurs van Hoosh op school om met de leerlingen aan het werk te gaan. Ze helpen hen om het resultaat van het onderzoek verder vorm te geven zodat het een plek kan krijgen in de voorstelling Gijsbrecht.Het resultaat kan een performance zijn, een kunstwerk, een interactieve show et cetera. Na deze laatste voorbereidingen komt het publiek naar De Première kijken. Uiteraard is het maar de vraag of deze première doorgaat, want misschien is deze Gijsbrechtnet zo controversieel als die uit 1637. De Première duurt ca. 90 minuten.

Vanaf januari 2020 kunnen scholen het project boeken. Contact via ninet@hoosheducatie.nl